IC ronde 3: TSM1

Zottegem 1 - TSM 1 : 6,5-1,5

1 DE SCHAMPHELEIRE GLEN (2285) ½-½ DE CONINCK RAF (2184)
2 HAMBLOK ROEL (227)2 1-0 MANGELSCHOTS PETER (2073)
3 MICHIELS DIRK (2271) 1-0 JANSSEN DRIES (1982)
4 ROOS ADRIAN (2250) ½-½ DEWEERDT JAN (1973)
5 GHYSELEN WOUTER (2174) 1-0 VERCAMMEN BERT (1944)
6 VAN MELKEBEKE WILLEM (207)6 ½-½ VERSCHOREN BRAM (1941)
7 MANNAERT ERWIN (2075) 1F-0F LESAGE CHRIS (1892)
8 VAN DEN HEEDE DORIAN (1945) 1-0 MOROTE PATRICK (1739)

< 2169 > 21 - 10 < 1966 >

TSM 1 was met een vier op vier (twee 5,5-2,5-overwinningen) uitstekend aan het seizoen begonnen, maar de Allerheiligenvakantie hield flink huis in de beschikbaarheid van onze spelers. Vakanties, weekendjes weg, baby- en andere borrels en zelfs de regeringsvorming en de bankencrisis gooiden roet in het eten. We trokken naar Zottegem met slechts drie spelers die de vorige ronde Borgerhout 2 klopten. Onze eerste vier borden waren afwezig. Raf, vorige keer bord vijf, mocht nu aan het eerste bord plaatsnemen.

Tegen een jong en sterk (en voor de gelegenheid nog versterkt) Zottegem 1 zou het onbegonnen werk worden, dat wisten we op voorhand. Dat mijn tegenstander Roel ergens halverwege lichtjes ongerust was dat ze punten zouden laten liggen (enkele borden in evenwicht, Raf en Bram stonden goed, Dries een stuk voor) is een pluim op onze hoed. Maar uiteindelijk bleek die ongerustheid fel overtrokken.

Raf had zich probleemloos op zijn tegenstander kunnen voorbereiden, maar omdat die afweek, moest Raf teruggrijpen naar heel oude theorie. Die bleek nog altijd goed te werken, want hoewel de zwarte stukken bijna allemaal op de achterste rij geplakt stonden, kon wit geen voordeel halen. Er werd wat afgeruild en Raf kwam in een licht beter eindspel met torens en een goed paard tegen een niet zo sterke witte loper. Raf won tijdelijk een pionnetje, zo meen ik gezien te hebben, maar wit kon het wel gelijk houden en in het vierde uur werd het remise.

Ik had zelf ook niet echt op het bord gekregen wat ik in gedachten had. Door op d4 met de dame te nemen in plaats van met het paard kwam zwart probleemloos gelijk en zelfs licht beter te staan. Ik investeerde zeeën van tijd, maar hield de stelling aardig op de been. Op het moment dat zwart niet meer voordeel had dan het loperpaar, misrekende ik me in een combinatie en gingen we naar een eindspel met dame en toren en een pion minder. Zwart speelde dat voordeel goed uit.

Dries stond in het middenspel erg verdacht, boette een pion in, maar dan ging zijn tegenstander zwaar in de fout. Dries won een stuk en leek met met een paard extra de witte toren en loper wel de baas te kunnen. Maar Dries hield krampachtig aan zijn pionnetjes vast in plaats van zijn stukken ruimte en activiteit te gunnen. Daardoor kon wit beetje bij beetje met zijn pionnen oprukken en zwart helemaal klem zetten. Dries geraakte er niet meer uit en verloor zowaar nog.

Jans tegenstander leek er geen twijfel over te laten bestaan dat hij dat varkentje van 250 elo minder wel eens vlot zou wassen. Zo’n houding roept bij Jan een flinke vechtlust wakker. Jan offerde een pionnetje maar daardoor hield hij een sterke pion op d5 die als een doorn in de zwarte stelling zat. Zwart probeerde wel, maar winst zat er nooit in. Het was integendeel Jan die het hier en daar nog beter had kunnen spelen.

Bert ondervond dat zijn jonge tegenstander de theorie een pak beter kende dan hijzelf. In de opening speelde hij een pionnetje kwijt. Dat was dan wel maar een dubbelpionnetje voor wit, maar wit kon rustig zijn stelling opbouwen. Bert probeerde het wel te keepen, maar miste op het einde ergens een penning waardoor hij meer materiaal verloor.

Bram kent de Pappenheimers van Zottegem wel door zijn transfer van vorig jaar. Geen idee of hij daar gebruik van maakte, maar hij kwam wel erg goed uit de opening. Na een zet of twintig bood hij remise aan, maar zijn tegenstander had daar geen zin in. Bram kwam gaandeweg nog beter te staan, maar allicht was het allemaal maar optisch. Uiteindelijk toch remise.

Patrick speelde zoals gewoonlijk heel sterk tegen een sterkere tegenstander. Vlot door de opening, een goede positie in het middenspel, een schijnaanval van zwart goed afgeslagen, enfin: alles om een goed resultaat te halen. Alleen had Patrick nogal wat tijd verbruikt en dat in combinatie met een goede stelling zorgt bij hem altijd voor nervositeit. Patrick hield het hoofd niet koel en verloor uiteindelijk veel meer tegen de klok dan tegen zijn opponent.

Soit, met drie remises werd een 8-0 vermeden. Tegen een ploeg met gemiddeld ruim 200 elo meer zal dat wel ongeveer een verwachte score zijn…