IC Ronde 4: TSM 1

[b]TSM 1 - Namen 3 : 3,5-2,5[/b]

1 DE WACHTER MATHIAS (2351) ½-½ UHODA PHILIPPE (2127)
2 DE CONINCK RAFAEL (2266) 1-0 VERSPECHT THIERRY (2079)
3 VANPARYS PHILIP (2227) 1-0 DEGEMBE PIERRE (2022)
4 VANLERBERGHE FILIP (2218) 0-1 ANDRE DAMIEN (2012)
5 HELSEN STEFF (2163) 0-1 GUION GEOFFREY (1846)
6 MANGELSCHOTS PETER (2025) 1-0 OGER DANIEL (1845)
<2208> 13-11 <1989>

Ronde vier werd een (bijna) klassiek drama in vijf bedrijven.

Eerste bedrijf

Na de zonnige zaterdag opende het doek zondag over een grijs decor. In de schoollokalen van de TSM was het gelukkig lekker warm. TSM 1 was onweerstaanbaar op ramkoers na uitoverwinningen bij Geraardsbergen (0-6) en Aalter (0,5-5,5) en een wat moeizamere zege thuis tegen Charleroi (4-2). Zou het thuis allemaal wat stroever lopen? We zouden het misschien ondervinden met de komst van Namen, een van de op papier sterkere ploegen uit de reeks. Namen kwam ook ongeveer even sterk als de vorige rondes op. Een vlotte overwinning werd niettemin in het vooruitzicht gesteld.
Na tien minuten zag het er allemaal geruststellend uit. Philip had zijn lievelingsopening zelfs in de voorhand op het bord, Filips tegenstander zette niet al te ambitieus op en zowel Steff als ikzelf leken gunstige varianten op het bord te hebben.
De positieve noot werd nog versterkt door TSM 2 waar het op sommige borden ook al meteen de goede kant leek op te gaan. Enige genoegzaamheid daalde over de bühne neer.

Tweede bedrijf

Namen bleek toch iets stugger dan vooraf gedacht. Mat geraakte maar niet in zijn spel en wist niets te bereiken. Raf had na enkele tempogeschenken over en weer een wat gedrongen stelling overgehouden. Philip speelde het allemaal los uit de pols en vertrouwde erop dat hij wel altijd een plusje zou houden, maar was dat wel zo? Bij Filip weinig aan de hand. Geen van beide spelers leek echt goede posities voor zijn stukken te vinden, het zag er wat raar uit. Ondertussen ging Steff op jacht naar een pion op de opengescheurde koningsvleugel. Zwart leek daar weinig te kunnen aan doen. Ikzelf kreeg steeds mooier stukkenspel.
Sommigen begonnen dat punt op het laatste bord zelfs al in gedachten op te schrijven, want het zou hoognodig zijn. Ik leek immers opeens de enige die echt beter stond. Sterker nog: de stelling van Steff (nog niet geacclimatiseerd na anderhalve maand Peru?) begon na de eerdere pionwinst stevig te kapseizen. Zwart rokeerde lang, de witte koning bleef in het midden en zwart begon met dame en toren langs de (half)open lijnen te vuren. Nadat zwart ook nog eens zijn pion met een combinatie terugwon, leek de nederlaag een kwestie van tijd.

Derde bedrijf

Terwijl Steff over de afgrond hing, ging het opeens helemaal mis bij Filip. Wit offerde een stuk voor een cruciaal pionnetje op e5. Filip kon moeilijk anders dan het offer aanvaarden en zag zich snel weggedrumd door zware stukken op de f-lijn, gecombineerd met de witte vrije e-pion. Filip probeerde nog even wat materiaal terug te geven, maar het mocht niet baten. Stand: 0-1.
Gelukkig werd de score nadien weer gelijkgetrokken op een bord waar het dat lang niet zo naar uitzag. Raf leek een stevige koningsaanval op zijn dak te krijgen als de witte dame op de h-lijn geraakte. In zijn onstuimigheid schoot wit er per ongeluk wel een stuk bij in. Maar daardoor kon de witte dame wel naar de h-lijn. Gelukkig kon Raf met f6 een vluchtgaatje maken en tegelijk over de e-lijn counteren tegen de witte koning die in het centrum gebleven was. Wit geraakte in zware tijdnood, maar daarin speelde net Raf het niet zo handig. Hij gaf materiaal terug, maar geraakte toch nog in een toreneindspel waar hij een pluspion verkreeg. Die extra boer besliste het pleit vrij snel. 1-1.
De gelijke stand was van korte duur, want Steff moest zijn verwachte nul incasseren. Zwart liet zich niet beschwindelen, hield de controle en maakte het simpel uit. 1-2, een hoogst vervelende tussenstand wanneer je op slechts zes borden speelt…
Dat betekende nog 2,5 scoren om de match te winnen. Daar zouden we een tijdlang behoorlijk blij mee geweest zijn, want wat er op Philips bord gebeurd was, was allemaal niet zo fraai. En Mathias stond ook al slecht…

Vierde bedrijf

Mat kwam weg met remise nadat hij in een eindspel met twee pionnen minder heel wat tegenkansen wist te creëren. Misschien een nipte ontsnapping, maar Mat zet je tenslotte niet zomaar opzij. De score bleef daarmee wel in het voordeel van Namen (1,5-2,5). Nog twee partijen aan de gang.
Philip was het zo losjes blijven spelen dat hij helemaal geen voordeel meer had. Integendeel, zwart kreeg een sterk centraal geposteerd paard en Philip vond er niet beter op dan een kwaliteit te offeren. Loper en toren tegen twee torens met nog veel pionnen op het bord, dat zag er niet goed uit, ook al controleerde de loper veel velden.
Maar Philip knokte zich terug in de match en met een sterk oprukkende koning creëerde hij tegenkansen. Remise was gezien het wedstrijdverloop amper voldoende en dus ging Philip er maar vol voor. Zijn tegenstander kwam in (de tweede) tijdnood en terwijl zijn klok op de zeven uur afstevende, drukte Philip een vrijpion door gecombineerd met matdreigingen tegen de zwarte koning die al een tijd ongelukkig tegen de rand stond. Zwart moest een stel torens ruilen en de vrijpion was niet meer te stoppen. Opluchting alom, stand weer in evenwicht: 2,5-2,5.
Maar hola… was dat punt op het laatste bord al niet lang bijgeschreven?

Vijfde bedrijf

Mijn toename in voordeel was ongeveer volgens deze stappen verlopen: goed stukkenspel, opstoot in het centrum, damevleugel van wit versplinterd met een geïsoleerde dubbelpion, nog beter stukkenspel. Wit wist van geen hout pijlen maken en in zijn wanhopige pogingen schudde hij een combinatie uit zijn mouw die een stuk inboette. Zijn dame en toren wist hij dan nog wel op mijn onderste rij te krijgen, maar met een paard meer was er tegen die twee witte stukken makkelijk te verdedigen. Toen ik de torens kon ruilen, lag een opgave van wit in de lijn der verwachtingen. Maar wit bleef verder spelen, met een eenzame dame die af en toe wat derderangsschaakjes kwam geven.
Nu goed, zolang de wedstrijd niet beslist is en er nog een teammaat bezig is, kun je daar begrip voor opbrengen. Nadat bij Philip de partij afgelopen was, zette ik mij even weer aan het bord, om hem de kans te geven te capituleren. Maar niks. Wit bleef stoïcijns nadenken, laste om de vijf minuten een zetje in en bleef hopen op … ja, op wat eigenlijk? Dat ik mijn dame zou laten instaan, dat ik hem een doorwrochte helpmat ter beschikking zou stellen, dat ik een aanval van epilepsie of hondsdolheid zou krijgen? Maar bon, het was de beslissende partij uiteindelijk en dus valt het nog wel ergens te begrijpen. Terwijl de resterende spelers in het lokaal hun best deden om niet al te luid te analyseren of te blitzen, bleef die ene partij maar tergend aanslepen.
Minder begrijpelijk was dat mijn tegenstander dan in het zesde uur van de partij ook nog eens doodleuk ging telefoneren! Niet een gsm die per ongeluk even afging of zo. Neen, gewoon zelf doodgemoedereerd opbellen. Vlak voor de deur van het clublokaal! We vonden met z’n allen dat dit toch al te gortig werd en maakten met een terechte claim een einde aan de farce die anders misschien nog een halfuur geduurd had.
Het straffe is dat we dan op de koop toe nog eens zelf beschuldigd werden van onsportiviteit! Door een gewezen federatievoorzitter en jeugdleider dan nog! Straf. En een anticlimax na een leuk namiddagje schaken.
Maar bon, door die laatste zege, die allang vaststond, helde de balans ultiem toch naar onze kant over: 3,5-2,5. Weer een concurrent minder.