IC Ronde 6: TSM1

[b]TSM1 - CREB1 : 6-2[/b]

1 DE WACHTER MATHIAS (2376) - (2302) MARTYN RAFE ½-½
2 HELSEN STEFF (2218) - (2213) LUMINET DENIS ½-½
3 VANPARYS PHILIP (2215) - (2103) MUELLER MARTIN 1-0
4 DE CONINCK RAFAEL (2214) - (1968) CORNIL ETIENNE 1-0
5 VERHAEGEN WIM (2081) - (1947) FRANK ALBERT 1-0
6 MANGELSCHOTS PETER (2074) - (1943) THIERENS CHRISTIAN ½-½
7 VAN DER FRAENEN JOEP (2059) - (1937) WINANTS HENRI ½-½
8 VERCAMMEN ROBERT (2008) - (1837) FONTIGNY FRANCOIS 1-0
< 2156 > < 2031 >
20 - 12

Een kletterende overwinning tegen een verzwakt CREB was net wat we nodig hadden om het nieuwe jaar met vertrouwen aan te vatten. En zo geschiedde.
CREB was dit seizoen al "creatief" geweest met de opstellingen en dus hadden we er hoop op dat onze examenafwezigen zouden gecompenseerd worden door een decimering van hun vreemdelingenlegioen dat zo kort na de feestdagen misschien nog her en der verspreid in Europa met een kater te bed zou liggen. En zo geschiedde.
Met een elogemiddelde dat 125 punten hoger lag, zat een stevige score er dik in en hoewel er misschien nog méér had ingezeten, is 6-2 logisch en volgens de verwachtingen.

Het eerste punt werd niet erg verrassend opgetekend door Raf, al een heel seizoen onze man in vorm. Er kwam een erg bizarre opening op het bord waarin wit, die zelf de complicaties uitlokte, het spoor al snel bijster raakte. Na een twintigtal zetjes sloeg Raf een wit paard op c3, waarmee hij ook nog eens dame en toren vorkte. Dat wit niet opgaf, kwam doordat de zet bovendien ook nog eens mat was! Hard...

Steff deed daar een halfje bij. Zijn tegenstander was de enige van CREB die wat in de buurt kwam van onze elo's, maar niettemin pakte hij de opening met wit nogal plat aan. Steff zette zijn stukken ook gewoon goed en na wat afruilen ontstond een compleet gelijk eindspel met alleen zware stukken. Niks om nog op zijn Steffs te kunnen uitmelken en dus remise.

Weer tijd voor een vol punt. Philip kreeg eindelijk eens wit in de IC en dat zal zijn tegenstander geweten hebben. Philip deed nochtans niks spectaculairs, zette ook zijn stukken goed, ruilde de dames en won een pionnetje. Samen met het loperpaar was dat voordeel genoeg om rustig naar winst te zeilen.

Iets minder rustig ging het er op Wims bord aan toe. "Nationaal meester" Frank stond gedrongen en probeerde met wat schijnoffers voor verluchting te zorgen. Omdat er weinig van klopte, werden het echte offers. Wim moest wat rekenen, maar had niet veel moeite om materiaal voor te blijven en na dameruil nog wat extra bij te sprokkelen. Een eenrichtingswedstrijd.

De stand was daarmee 3,5-0,5 en er waren enkele remises op komst. Mat speelde op bord één tegen Martyn, een oude concurrent van onze Piet Levrier in de jeugdcategorieën. Het werd een erg trage opening, beide heren namen uitgebreid de tijd voor de eerste tien à vijftien zetten. Mat deed een interessant pionoffer en had daar in een open stelling met een sterke toren op de d-lijn de nodige compensatie voor. Maar misschien ook niet meer dan dat en opeens was het remise. Opeens, zeg ik gemakshalve, omdat ik op dat moment zelf in tijdnood aan mijn bord gekluisterd was en het einde niet gezien heb. Stand alleszins 4-1 en de laatste drie borden nog bezig.

Ik kreeg met zetverwisseling dezelfde openingsvariant op het bord als ik enkele weken geleden in het Stadskampioenschap tegen Bram had. Toen had ik wit en kwam ik heel slecht te staan (hoewel ik nog won) en nu ging het mis met zwart. Conclusie: ik kan maar beter stoppen met dat te spelen... Enfin, dramatisch was het niet en in het middenspel stond ik zeker niet slecht. Dan deed wit opeens een verrassend paardoffer, dat evenwel resulteerde in een eindspel waarin ik T+P+L had tegen 2T+pi. Helaas stond een van de witte torens erg sterk en in tijdnood vond ik niet de beste winstmethode. De stelling die na de 40ste zet overbleef, was niet meer te winnen.

Ook Joep kon niet winnen, maar ook hij deed er alles aan. De opening verliep niet zo best, maar toen oudstrijder Winants veel stukken afruilde, even naar Joeps elo informeerde en vervolgens remise voorstelde, besloot Joep er nog eens goed voor te gaan zitten om een eindspel met zware stukken uit te melken. Maar een oude vos verliest zijn streken niet en dus kon Joep proberen wat hij wilde, het bleef gelijk.

Bert was de laatste en hij streed door tot het bittere eind. Er kwam een eindspel op het bord met dezelfde materiaalverhouding als bij mij, maar met slechts één toren en nog maar een paar pionnen. Berts toren en pluspion domineerden in de open stelling langzaam maar zeker de witte loper en paard. Toen het bijna acht uur was, Bert nog twee minuten en zijn tegenstander twee seconden op de klok had, deed Bert de winnende zet waarop wit door zijn vlag ging.

6-2 is een schitterende manier om de eerste matchpunten van het seizoen binnen te halen. Heel opmerkelijk daarbij is dat we al twee ronden lang gezamenlijk ongeslagen zijn. De 'nederlaag' (16-15) in Lommel kwam immers tot stand met één overwinning, zes remises en... een forfait.
In één klap zijn we daarmee - eindelijk - weg van de degradatieplaatsen, terwijl we heel de top van het klassement al bekampt hebben. De weg naar boven is ingezet.